Liever een gezonde dan een intelligente leider

Een gezond imago is voor leiders belangrijker dan een intelligente uitstraling. Dat is de conclusie van een onderzoek van wetenschappers aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Aan bijna 150 mannen en vrouwen werd gevraagd om aan de hand van portretten de meest geschikte kandidaat voor een CEO voor een bedrijf te selecteren.

Slechts onder specifieke omstandigheden bleek een grotere voorkeur voor de kandidaat met de intelligente uitstraling te bestaan. Dit verklaart volgens de onderzoekers waarom politici en executives vaak veel tijd, geld en inspanning investeren in hun uiterlijk.

 

In werkelijkheid kregen de respondenten een foto van dezelfde persoon te zien, maar middels computertechnologie waren de foto’s gemanipuleerd om bepaalde karaktereigenschappen – zoals gezondheid, intelligentie of assertiviteit – op te roepen.

Bij de keuze van leiders wordt in eerste instantie gekeken naar een persoon met een gezonde uitstraling, aldus onderzoeksleider Brian Spisak, organisatiepsycholoog aan de VU.

De interesse in een kandidaat met een intelligent voorkomen blijft relatief beperkt. Intelligentie werd alleen cruciaal wanneer gezocht werd naar kandidaten die innovatieve of diplomatieke verantwoordelijkheden op zich zouden moeten nemen.


In 69% van de keuzes werd de voorkeur gegeven aan het alternatief met een gezond uiterlijk. Intelligentie kreeg de voorkeur wanneer duidelijk was dat de functie van de leider vooral gericht zou zijn op het voeren van onderhandelingsgesprekken rond het afsluiten van nieuwe partnerships of het exploreren van nieuwe afzetmogelijkheden voor het bedrijf.

De resultaten geven aan dat potentiële leiders meer aandacht zouden kunnen besteden aan een gezond uiterlijk. Intelligentie is handig in een aantal specifieke situaties, maar gezondheid lijkt in de meeste situaties een belangrijke voorwaarde.

Spisak, B.R., Blaker. N.M., Lefevre, C.E., Moore, F.R. & Krebbers, K.F.B. (2014) A face for all seasons: Searching for context-specific leadership traits and discovering a general preference for perceived health. Front. Hum. Neurosci. 8:792. Doi: 10.3389/fnhum.2014.00792




« Terug naar overzicht